Kinderen niet overal gelukkig

Kinderen in Friesland, Groningen en Limburg zijn minder tevreden over hun leven dan kinderen uit Drenthe en Overijssel. Van alle kinderen in Nederland geeft ruim 13 procent zijn leven een onvoldoende.

 

Het onderzoek ‘Als je het ons vraagt’ wordt iedere twee jaar door de Kinderombudsman uitgevoerd. Tijdens het onderzoek kunnen kinderen en jongeren van 8 tot 18 jaar oud een online vragenlijst invullen. Daarbij kunnen ze onder andere aangeven hoe gelukkig ze zijn en waar ze zich zorgen over maken.  Niet alle kinderen zijn tevreden over hun leven. 1 op de 8 kinderen geeft zijn leven een onvoldoende.

Grote verschillen tussen provincies

Dit jaar hebben ze ook onderzocht wat de verschillen zijn tussen provincies. Kinderen en jongeren in Drenthe en Overijssel zijn het meest gelukkig. In Friesland, Groningen en Limburg zijn kinderen minder positief. In deze provincies geven kinderen hun leven ook vaker een onvoldoende.

Ik vind het mooi dat kinderen tevreden zijn over hun leven. Ondanks alle grote problemen die in de wereld spelen en waar zij zich zorgen over maken. Tegelijkertijd vind ik het erg zorgelijk dat het welzijn van kinderen lijkt af te hangen van de plek waar zij opgroeien. Kinderen verdienen gelijkheid, in perspectief en in ontwikkelkansen. Zij moeten ook niet het gevoel hebben dat zij alles zelf moeten oplossen. Het is aan volwassenen om dit goed te organiseren en om kinderen hierin te ondersteunen.

Margrite Kalverboer, Kinderombudsvrouw

Weinig steun en slecht voorbeeld van volwassenen

Veel kinderen zeggen dat ze zich niet gesteund voelen door volwassenen in de samenleving. Wel door hun ouders, daar zijn ze over het algemeen blij mee. Maar niet door andere volwassenen in de omgeving. Ook zijn kinderen niet altijd blij met het voorbeeld dat andere volwassenen ze geven. Kinderen vinden vooral dat ze hun eigen gedrag of gevoel moeten verbeteren. Alsof ze zelf alles moeten oplossen.

Meer inspraak

Verder geven kinderen aan dat het belangrijk is dat ze meer inspraak hebben. Dat ze mee kunnen praten en beslissen over dingen die belangrijk voor ze zijn. Als kinderen het voor het zeggen hebben, dan zouden zij aandacht vragen voor de aanpak van armoede. Andere thema’s waar kinderen zich zorgen over maken zijn de klimaat- en stikstofcrisis en de oorlog in Oekraïne.

Gemeenten moeten aan de slag

Volgens Kinderombudsvrouw Margrite Kalverboer moeten de gemeenten aan de slag met deze uitkomsten. De verantwoordelijkheid voor de hulp aan kinderen en jongeren ligt door decentralisaties grotendeels bij de gemeenten. Zij zijn verantwoordelijk voor het welzijn en de ontwikkeling van de kinderen. Daarom moeten gemeenten achterhalen hoe het met hun kinderen gaat en waar hun knelpunten liggen.

Het is daarbij belangrijk dat kinderen betrokken worden bij de oplossingen en het beleid dat gemaakt wordt, zoals het Kinderrechtenverdrag ook voorschrijft.

Ook vindt de Kinderombudsman het belangrijk dat gemeenten en Rijksoverheid een kinderrechtentoets gebruiken bij de ontwikkeling van beleid. Zo kan vooraf al bekeken worden wat de impact van beleidsmaatregelen is op kinderen en hun rechten.

Lees het onderzoek ‘Als je het ons vraagt 2022’